maandag 26 december 2016

Kwaliteitsmanagement in de circulaire economie?

Eén van mijn ooms had een slijterij. Daar verkocht hij ook bier van het merk met mijn initialen. Achter de slijterij stond een schuur voor retourflessen in kratten. Niet vreemd, want beugelflessen waren prijzig. Op een dag kwamen er jongens uit het dorp met een partij lege kratten aanzetten. Dat leverde flink wat statiegeld op. Niet lang daarna kwamen ze weer binnen met een partij en vertrokken weer met statiegeld. Mijn oom bracht de geretourneerde kratten naar zijn schuur en liep pardoes tegen de jongens op. Ze wilden hun lucratieve recyclingtruc herhalen.

Recyclen brengt geld op. Niets nieuws onder de zon. Onze regering wil dat Nederland in 2050 voor 100% circulair is. Om uiteenlopende redenen: vanwege een explosieve vraag naar grondstoffen, de toenemende grondstofafhankelijkheid van andere landen en de klimaatveranderingen. Maar het biedt ook economische kansen en is goed voor onze volksgezondheid en het milieu.

Onlangs was ik bij de AVR Duiven, de afvalenergiecentrale. Daar zetten ze afval om in warmte, elektriciteit en grondstoffen. Zo wordt bodemas uit de oven omgezet in straatsteen. Volledige afvalscheiding kan technisch wel, maar is te duur. Daarom is verbranden het enige alternatief. Ander voorbeeld is het Mission Zero-beleid van het beursgenoteerde Interface. Doel is tapijttegels produceren uit oude tapijten en afgedankte visnetten. Dat vertelde CEO Rob Boogaard me. Het bedrijf ontwikkelde daarvoor het ‘Net-Works’–initiatief voor inzameling van afgedankte visnetten tegen een faire beloning.

In de natuur worden materialen continu hergebruikt en opgewaardeerd. Niets gaat verloren. Bij Interface bootsen ze dit na. Zij recyclen nu al meer dan 50% van hun grondstoffen. De aanpak van AVR (verbranden) staat op de één na laagste trede van de Ladder van Lansink. Of dat op termijn houdbaar is, is de vraag. Hoe hoger op de ladder, des te meer kans.



Dat is ook wat het domein van de kwaliteitsmanager raakt: het beheersen en verbeteren van de ontwikkeling en de productie van biobased materialen en recyclebare producten, duurzame supply chains en smart logistics. Voorlopig is er daarom nog werk genoeg. Als we maar niet zo doen als die jongens met hun recyclingtruc. Daar heeft mijn oom overigens snel een einde aan gemaakt.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten